Levensloop
Murck werd rond 1531 geboren op een boerderij in Warns, Gaasterland. Hij had één drie jaar jongere zuster Imck. Zijn ouders bezaten veel land en waren dus in goede doen.
Toen Murck ongeveer 13 jaar oud was stierf zijn vader op ongeveer 45 jarige leeftijd. Zijn moeder Sybrich hertrouwde snel daarna met de rijke boer en mederechter Epe Hansz Stapert en ging met de kinderen op zijn state in Wommels wonen.
In Wommels kregen ze tussen 1550 en 1555 nog een broer en twee zussen. Murck ging in 1550 het huis uit om te trouwen en verhuisde naar Oppenhuizen. Zijn moeder stierf in 1555, het jaar van de geboorte van zijn jongte zus.
Murck en de dochter van Syts trouwden rond 1550 voor de kerk. Hij was toen ongeveer 19 jaar en zij was rond de 20 jaar. Het gezin ging in Oppenhuizen wonen.
Twee jaar later werd hun zoon Louw geboren. Het is mij niet bekend of zij meer kinderen hadden.
Murck was naast boer ook jurist. Zo vinden we hem nog terug in verslagen van een rechtzaak in 1560 waarbij hij optreedt als voogd en verdediger van Suerdt Seerps.
In 1870 trad Murck Louws op namens Dytthi Heeres Aedema, dijkgraaf en volmacht, dat is een afgevaardigde, van Wybritseradeel in het Hof van Friesland in Leeuwarden. In 1872 was Murck (Marck, Merck) Louws zelf volmacht van Wybritseradeel.
Murck Louws vertegenwoordigde vaker personen in juridische geschillen. Zo vertegenwoordigde hij zijn jongere halfbroer Louw, die advocaat bij het Rijkskamergerecht in Spiers was, in enkele geschillen in Friesland.
Zie quadlappen archiefnummer 14, Tresoar, in Allefriezen.nl
Rechtszaak: Erfenis van de Sate Boetzma te Oppenhuizen (23-09-1562)
Eisers beweren mede-erfgenamen te zijn van Goffe Zijaerda en zijn vrouw en hebben door scheiding en deling landen en goederen in de sate Boetzma te Oppenhuizen verkregen. Ze hebben Marij Geepkes, die recent overleed, op voorjaarsdag 1561 de huur opgezegd en voorgesteld eventuele tegenstand voor het gerecht te brengen. Niemand verscheen voor Marij tijdens de rechtsdag om de opzegging te betwisten. Eisers hebben niet ingestemd met voortzetting van de sate. Toch heeft de gedaagde beesten op de sate en landen laten grazen. Eisers verzoeken dat de dieren verwijderd worden en het land vrij wordt opgeleverd. Gedaagde moet ook de schade veroorzaakt door de dieren vergoeden.
Gedaagden beweren dat zij niet bekend zijn met de opzegging en stellen dat deze niet rechtmatig kan zijn. Ze voeren aan dat Marij op de betreffende rechtsdag al was overleden en dat de weeskinderen geen vertegenwoordigers hadden om zich te verzetten. Ze benadrukken ook dat landen niet vóór nieuwjaarsdag mogen worden opgezegd. Gedaagden beweren dat de sate al meer dan 40-50 jaar in het bezit was van de familie via een huurovereenkomst en dat ze daarom recht hebben op voortzetting van de huur.
Beide partijen hadden tegenstrijdige verklaringen, waardoor aanvullend bewijs nodig was. Na het overleggen van bewijs verklaarde het gerecht de eisers niet ontvankelijk. Eisers hebben besloten in beroep te gaan.
Kwitantie: Sate te Oppenhuizen
Oene Groustins bevestigt dat hij gg 29-7 heeft ontvangen van de voogden. Dit bedrag vertegenwoordigt de helft van twee jaar huur (1562 en 1563) voor de sate te Oppenhuizen, waar nu Grioldt Laes? verblijft. Ondanks deze betaling blijven er rechten onbeslist over de exacte huurwaarde en een lopende zaak over de ontruiming van het genoemde eigendom voor het HvF. Oene verklaart ook dat hij namens Hoeijte Oeninghe, zijn vrouw's broer, en onder borgstelling, eenzelfde bedrag als huur voor de sate van de voorgaande twee jaar heeft opgenomen. Dit bedrag was eerder door de voogden onder het HvF gedeponeerd.
De dorpen bij het Sneekermeer
De 80 jarige oorlog
In 1568 brak de tachtig jarige oorlog uit. In Oppenhuizen zullen ze er niet veel van gemerkt hebben.
Ruim voor de 80 jarige oorlog kon je echter al vervolgt worden als ketter en wederdoper. Er waren protesten, brandbrieven, aanvallen op kloosters en steun voor het gewapend verzet. De straffen hiervoor waren wreed. Ook in de Friese steden werden mensen gemarteld, verbrand of verdronken.
Ook in Friesland werden mensen om hun geloof verbrand of verdronken. In Oppenhuizen en Uitwellingerga lagen echter geïsoleerd. De dorpen waren alleen over het water te bereiken. Alles ging hier 80 jaar lang gewoon zijn rustige gangetje.
Pas in 1580 werd de on rust in de omgeving van Sneek merkbaar.
De Spanjaarden in Oppenhuizen in 1583?
Misdaad en straf
(1500 - 1550).
Terechtstellingen in Friesland
(1550 - 1600).
Misdaad en straf
(1550 - 1600).
Bronnen