Toen en Toen ..
Zoeken Het verhaal van Friesland

In het jaar 1500:
De heerschappij van hertog Hendrick in Friesland in 1500 en het begin van verzet.

Het eerste jaar van hertog Hendrick in Friesland

In het jaar 1500, tijdens de vasten, begon hertog Hendrick met de bouw van een blokhuis, dit is een militaire versterking, in Harlingen. Het doel was om een versterking aan de zeekant te hebben en de Friezen daarmee te beheersen. Ook kon hij zo indien nodig troepen in het land brengen.

Voor de bouw van dit huis liet de hertog veel Friese huizen bij Franeker en Harlingen slopen. De stenen werden naar Harlingen gebracht voor het nieuwe bouwwerk. De eigenaren van deze huizen werden nauwelijks geraadpleegd of ze hun huizen wilden verkopen.

Friesland

Deze actie veroorzaakte veel onvrede en verzet onder de edelen tegen de heer. Rond Maria Boodschap (25 maart, 1500) stuurde hertog Hendrick boden en brieven naar alle steden, districten en kloosters in Oostergo, Westergo en Sevenwolden. Hij eiste dat ieder district, stad of klooster, volgens wat men van de heer kon verwachten, binnen zeven dagen een deel van honderd gouden guldens zou betalen. Sommige plaatsen moesten honderd betalen, andere vijftig, zestig of tachtig, afhankelijk van de grootte van het deel en de gunst van de hertog.

Ook steden en kloosters moesten betalen naar rato van hun rijkdom. Er waren veel dorpen en districten in Oostergo en Westergo die de oude belastingen, zoals de twintigste en twaalfde penning, nog niet hadden betaald. Nu kwam er een nieuwe belasting bovenop. Dit maakte de Friezen wanhopig en verbitterd, en velen weigerden de nieuwe belasting te betalen. Deze belastingen werden opgelegd zonder hun toestemming en zonder redelijke grond. Ze waren in strijd met de contracten en de eerste overeenkomst met hertog Albert van Saksen, toen hij voor het eerst in het land kwam.

Friesland

Het innen van de belastingen bij Bolsward

In het jaar 1500 kwam Hessel Martena met ongeveer 350 soldaten van Franeker naar Bolsward op de dinsdag na Pasen, 21 april. Hij stuurde strikte brieven naar alle dorpen rond Bolsward in Wonseradeel, die de belasting nog niet hadden betaald. Ze moesten de nieuwe belasting samen met de oude betalen in Bolsward op Sint-Marcusdag, 25 april. Wie de belasting niet op tijd betaalde, moest de volgende dag het dubbele betalen. Sommigen betaalden de belasting voor de gestelde datum, anderen daarna. Wie na de deadline betaalde, moest een boete betalen of zag zijn betaling geweigerd worden.

Op Sint-Marcusdag kwam Haring Douwe z. uit Abbega naar Bolsward en betaalde de belasting voor zijn dorp. Omdat hij niet voor Sint-Marcusdag had betaald, werd hij gevangengenomen. De soldaten gingen met hem naar Abbega voor zijn huis, maar zijn moeder en twee broers, die op het huis waren, wilden het niet overgeven. Toen de soldaten het huis niet konden innemen, staken ze daar twee huizen in brand en namen Haring mee terug naar Bolsward.

De volgende dag, de dag na Pasen, 26 april, stuurde Hessel Martena een groep soldaten met Haring terug naar Abbega. Ze maakten een cirkel voor het huis en legden Haring daarin, dreigend om hem te onthoofden als het huis niet werd overgedragen. Zijn moeder en broers gaven het huis uiteindelijk op, en 25 soldaten bezetten het. De andere soldaten keerden terug naar Bolsward.

Diezelfde dag trok een groep soldaten naar Schraard en staken daar ook enkele huizen in brand omdat de belasting niet was betaald. De lokale bevolking rond Bolsward zag dat Hessel Martena's troepen, in naam van de hertog, brand stichtten en arrestaties verrichtten bovenop de eisen van de hertog, zonder redelijke grond. Ze kwamen in opstand en besloten zich te verzetten tegen deze onderdrukking door de heren.

Op 27 april werd een Saksische soldaat van het huis in Abbega in IJlst verdronken door de inwoners van IJlst. Dezelfde dag werd ook een soldaat van hetzelfde huis op weg naar Franeker gevangengenomen en verdronken.

De kroniek van Worp van Thabor

Deze tekst is gebaseerd op het vijfde boek van monnik, kroniekschrijver en tijdgenoot Worp van Thabor. Het boek beslaat de geschiedenis van Friesland van 1499 tot 1523.

Dit is de periode onder het bewind van de Saksische Hertogen en daarna het conflict tussen een groot deel van Friesland, Gelre en de keizer Karel V van Spanje.

Het boek van Worp van Thabor (in modern Nederlands).