Toen en Toen ..
Zoeken Het verhaal van Friesland

In het jaar 1516
In juni wordt er hard gevochten bij Leeuwarden en Franeker.

Een leger vormt zich tegen de Bourgondiƫrs

In het jaar 1516, op de 3e dag van juni, kwamen de mensen uit Zevenwouden en Stellingwerf, Gaasterland en Wymbritseradeel eensgezind samen en trokken naar Oldeklooster.

Op diezelfde dag voegden zij zich bij de heer van Swartzenburg. De ruiters en soldaten zetten hun kamp op in Monniken Baajum tegenover Franeker, wachtend tot de stadhouder voor Gelre, Arkels, vanuit Groningen bij hen kwam met zwaar geschut.

Vervolgens, op de 8e dag van juni, mobiliseerden Jancke Oenema en de andere hoofdlieden uit Oostergo alle mensen uit Dongeradeel, Dantumadeel, Ferwerderadeel en ze trokken te voet naar het huis van heer Jusma. Daar kwam Arkels bij hen met groot geschut vanuit Groningen.

De Bourgondische soldaten in het huis gaven zich over met behoud van leven en bezit.

Na de overgave van het huis trok Arkels met de hoofdlieden, die tot de Gelderse partij behoorden, en de mensen uit Oostergo naar Steins, en daar sloegen zij hun kamp op tegen de inwoners van Leeuwarden.

Friesland stad middeleeuwen

De strijd om Leeuwarden en Franeker

Na 15 juni verzamelden de mensen uit Rauwerdhem en Utingeradeel en vormden een leger bij Deinum om tegen de Leeuwarders te vechten.

De ruiters van Deinum trokken in de eerste nacht richting Leeuwarden en lagen in het geheim bij de molen voor de Wirdumerpoort, waar ze op de 16e dag alle koeien van Leeuwarden, die 's ochtends vroeg uit de stad werden gedreven, onderschepten en naar Deinum brachten. Ook werden er twee mannen gevangen genomen.

Vervolgens, op de geboortedag van Sint-Jan, dat is de 24 juni, brak het leger bij Steins op en verplaatste zich ook naar Leeuwarden, naar kamp in een veld of weide, die later het Sint-Jansveld werd genoemd. Hier bouwden ze een wal omheen.

Ze beschoten elke dag de stad, en de Leeuwarders schoten terug op de Gelderse schansen. Er waren dagelijks schermutselingen. Aan beide kanten vielen veel doden, en dit beleg duurde tot Maria Hemelvaart (15 augustus).

De mensen uit Franeker kwamen dagelijks uit tegen het leger bij Menaldum (Menaam), waarbij ze elkaar grote verliezen toebrengen.

De strijd op zee

Gedurende deze zomer, terwijl de Geldersen en Friezen voor Leeuwarden en Franeker lagen, waren de Friezen van Stavoren, Hindeloopen, Workum en anderen dagelijks op zee actief, waarbij ze grote schade toebrachten aan de Hollanders door hun schepen te kapen als die vanuit het oosten geladen terugkwamen. En de Hollandse schepen die ze hadden gekaapt maar niet op tijd mee konden krijgen omdat de Hollanders sterker terugkwamen staken ze in brand.

Zo groot was de haat en nijd tussen de Hollanders en Friezen, die echter in tijden van vrede niet zonder elkaar kunnen.

De kroniek van Worp van Thabor

Deze tekst is gebaseerd op het vijfde boek van monnik, kroniekschrijver en tijdgenoot Worp van Thabor. Het boek beslaat de geschiedenis van Friesland van 1499 tot 1523.

Dit is de periode onder het bewind van de Saksische Hertogen en daarna het conflict tussen een groot deel van Friesland, Gelre en de keizer Karel V van Spanje.

Het boek van Worp van Thabor (in modern Nederlands).