Toen en Toen ..
Zoeken Het verhaal van Friesland

Leeuwarden in de 19de eeuw

Rond 1800 leefden de mensen in Leeuwarden nog op een manier die weinig was veranderd sinds de eeuwen daarvoor. In de Franse tijd (1795–1813) werd het bestuur strakker geregeld. Vanaf 1811 moesten geboorten, huwelijken en overlijdens officieel worden vastgelegd. De overheid kreeg zo meer grip op het dagelijks leven van de inwoners.

Na 1813 bleef veel van die organisatie bestaan. Voor de bewoners veranderde het leven niet ineens, maar stap voor stap. De stad bleef klein en overzichtelijk, maar begon langzaam te groeien.

Herinneringen van opa aan 1880-1890

Hoe groot was de stad?

Rond 1800 telde Leeuwarden ongeveer 12.000 inwoners. In 1850 waren dat er circa 15.000 en tegen 1900 ruim 30.000.

De groei kwam vooral doordat:

  • mensen van het platteland naar de stad trokken voor werk
  • de handel toenam
  • de stad beter bereikbaar werd (bijvoorbeeld door het spoor vanaf 1863)

Toch bleef Leeuwarden vergeleken met grote steden als Amsterdam nog een vrij rustige stad.

Wonen en leefomstandigheden

Veel mensen woonden eenvoudig. In de binnenstad stonden kleine huizen, vaak dicht op elkaar. Vooral arbeidersgezinnen leefden soms met meerdere personen in één of twee kamers.

Er was nog geen riolering zoals nu. Afval en vuil water kwamen vaak in de grachten terecht. Dat kon voor stank en ziekten zorgen.

Toch was het niet overal ellendig. Er waren ook nette straten en ruime huizen voor de betere burgerij. De verschillen tussen arm en rijk waren duidelijk zichtbaar.

Water in huis (tot ca. 1888)

Tot laat in de 19de eeuw hadden de meeste huizen geen stromend water. Mensen haalden water uit:

  • regentonnen
  • stadspompen
  • of zelfs uit grachten

Water werd ook verkocht door venters die met emmers langs de deur gingen.

Rond 1888 kreeg Leeuwarden een waterleiding. Dat was een grote verbetering. Voor het eerst kwam er schoon water direct in huis.

Licht in de stad

’s Avonds was het donker in de stad. Straatlantaarns werden met de hand aangestoken en weer gedoofd. Bij volle maan bleven ze soms uit.

Vanaf ongeveer 1850 kwam gasverlichting. Dat gaf meer licht en maakte de stad ’s avonds veiliger.

Elektrisch licht kwam pas tegen het einde van de eeuw en daarna. Voor veel mensen was dat iets heel nieuws.

Werk en dagelijks leven

De meeste mensen werkten in handel, ambacht of als arbeider. Er waren veel kleine beroepen: timmerlieden, schoenmakers, venters en marktlieden.

De markten waren belangrijk. Daar werd voedsel gekocht en verkocht. Ook kwamen er schepen met goederen de stad binnen via de grachten.

Het leven speelde zich grotendeels buiten af: op straat, op de markt en langs het water.

Kon iedereen lezen?

In het begin van de 19de eeuw konden lang niet alle mensen lezen en schrijven. Vooral arme mensen en arbeiders hadden weinig onderwijs gehad.

Dat veranderde langzaam. In de loop van de eeuw kwamen er meer scholen en werd onderwijs gewoner.

Tegen het einde van de eeuw konden de meeste mensen in Leeuwarden wel lezen en schrijven, al bleef het niveau verschillend.

Gezondheid en armoede

Het leven kon zwaar zijn. Ziekten kwamen vaker voor dan nu, mede door slechte hygiëne en gebrek aan schoon water.

Arme gezinnen hadden het moeilijk. Werk was niet altijd zeker en er was weinig bescherming.

Er bestond wel armenzorg, maar die was beperkt. Veel mensen waren afhankelijk van familie of liefdadigheid.

Verkeer en vervoer

In het begin van de eeuw gebeurde vervoer vooral over water. Schepen brachten goederen en mensen van en naar de stad.

Trekschuiten en beurtschepen waren belangrijk. Later kwam het spoor (vanaf 1863), waardoor reizen sneller werd.

In de stad zelf liep men, of gebruikte men karren en paarden. Fietsen en auto’s kwamen pas heel laat in de eeuw.

Militie en verplichtingen

Jongemannen konden worden opgeroepen voor de militie. Door loting werd bepaald wie moest dienen.

Wie een hoog nummer trok, hoefde meestal niet. Wie geld had, kon soms iemand anders in zijn plaats laten gaan.

Aan het einde van de eeuw werd dit systeem afgeschaft.

Ontspanning en vrije tijd

Ondanks het soms zware leven was er ook ontspanning. Mensen gingen naar markten, kermissen en parken.

De Prinsentuin was een populaire plek voor muziek en bijeenkomsten. Ook spelletjes en tradities hoorden bij het dagelijks leven.

Op weg naar 1900

Tussen 1880 en 1900 veranderde het leven sneller. De stad groeide, voorzieningen verbeterden en nieuwe technieken deden hun intrede.

Met waterleiding, gaslicht en betere verbindingen werd het leven iets gemakkelijker.

Leeuwarden bleef herkenbaar, maar stond rond 1900 duidelijk aan het begin van de moderne tijd.

Eten en drinken in Friesland

De binnenstad van Leeuwarden.

Friesland

Friesland

De Friese steden

Zo zag Leeuwarden er rond 1800 uit

De stadspoorten van Leeuwarden rond 1800

De gevangenis met galg en de Tweebaksmarkt

De Grote Kerkstraat

De Grote Hoogstraat met nog een scheve toren

De Nieuwstad en het Hofplein

De Franse tijd in Leeuwarden

De Franse tijd, dagboek uit 1795

Dagboek: Het einde van de Franse tijd

Het dagelijks leven in Friesland rond 1800

Kinderen in de Friese steden rond 1800

Kinderen op het Friese platteland

De dagindeling op het platteland

Kleding in Friesland rond 1800

Eten en drinken in Friesland

Sneek aan het eind van de 18de eeuw.

Slapen in de 18de eeuw.

Misdaad en straf rond 1800.

Het dagelijks leven rond 1900

De Friese markten in 1823.

Herinneringen aan Leeuwarden (1880-1890)

Zo leefden Leeuwarders in de 19de eeuw

De geschiedenis van Leeuwarden.

Misdaad en straf in de 19de eeuw.

De activiteiten tijdens de kermis

De kermis van Leeuwarden in 1898