Toen en Toen ..
Zoeken Het verhaal van Friesland

November 1813 en januari 1814: De Fransen zijn verslagen en trekken zich terug. Hieronder een ooggetuigeverslag uit het dagboek van burgemeester Storm uit die tijd.

November – december 1813 en januari 1814

13 november (zaterdag)
De Franse troepen, douane en alle Franse functionarissen (zowel politiek als militair) kregen bevel om niet alleen de stad, maar de gehele voormalige Republiek vóór de 25e te verlaten en terug te keren naar Frankrijk.

14 november (zondag)
Men zag overal mensen inpakken en de eersten vertrokken al.

15 november (maandag)
De Franse generaal uit Groningen, samen met de prefect en vele douanebeambten met vrouwen en kinderen, reisden via de stad naar Harlingen.

16 november
De Franse staf, de gendarmerie en enkele honderden militairen (onder andere uit Groningen) vertrokken eveneens naar Harlingen.
Veel vooraanstaande burgers, waaronder raadsheren en bestuurders, namen de wapens op om de orde te handhaven.

17 november
Er gebeurde niets bijzonders; alles was rustig.

18 november
’s Middags kwamen ongeveer twintig Russische Kozakken de stad binnen, onder begeleiding van burgerlijke muziek en bekeken door duizenden toeschouwers.

19 november
De Kozakken vertrokken weer naar Lemmer om te proberen een grote geldtransport van de Fransen te onderscheppen.
Verder bleef het rustig.

20–22 november
Er gebeurde niets bijzonders.

23 november
Er werd een proclamatie uitgevaardigd in naam van de keizer van Rusland, waarin alle bestuurders en ambtenaren voorlopig in hun functie moesten blijven.

24 november
De Kozakken keerden terug, maar het schip met het Franse geld was al vertrokken.
Verder bleef het rustig.

25 november
Er kwamen vijftig Kozakken uit Groningen aan.
De prefect werd gearresteerd omdat hij weigerde voorlopig in functie te blijven en naar Groningen gebracht.
H.V. Sminia werd benoemd tot nieuwe prefect.

26 november
Enkele Kozakken vertrokken naar kleinere steden.
De sous-prefect Rengers uit Sneek en burgemeester Blok uit Harlingen werden via de stad naar Groningen gebracht wegens plichtsverzuim.
Humalda werd benoemd tot sous-prefect.
De Nationale Garde begon oranje kokardes te dragen, wat door velen werd gevolgd.

27 november
Niets bijzonders.

28 november
’s Middags werden vlaggen op de torens geplaatst en werd het dragen van oranje officieel bevolen.
De prefect keerde terug maar bleef buiten functie; ook maire Blok werd ontslagen.

29 november
Niets bijzonders.

30 november
Er werd bekendgemaakt dat bestaande belastingen voorlopig blijven gelden.
Franse militairen kregen een paspoort om te vertrekken, en wie wilde kon zich aanmelden voor Nederlandse dienst.

1 december
Veel zeelieden uit Groningen trokken door de stad op weg naar huis, nadat de vloot verlaten was.

2–3 december
Niets bijzonders.

4 december
De postverbinding met Holland werd hersteld.
Kranten meldden dat Willem VI op 30 november in Scheveningen was geland.

5–6 december
Niets bijzonders.

7 december
Met veel enthousiasme werd de komst van Willem VI bekendgemaakt.
Bergsma en Sminia werden benoemd tot commissarissen voor het bestuur.
De prefect en zijn raad werden ontslagen.

8 december
400 man van de Nationale Garde vertrokken naar Delfzijl om te helpen tegen Franse troepen die daar nog aanwezig waren.

9 december
Niets bijzonders.

10 december
Willem VI werd met grote vreugde uitgeroepen tot soeverein vorst van de zeven provincies.
De stad werd feestelijk verlicht en er werd uitgebreid gevierd.

11–13 december
Geen bijzonderheden; op 12 december werd een dankdag gehouden.

14 december
Deserteurs van de Franse garde werden feestelijk ontvangen.

15 december
Nog meer deserteurs arriveerden; in totaal waren zij met 17 man.

16–20 december
Niets bijzonders.

21 december
Bericht ontvangen dat Willem VII op 19 december uit Spanje in Den Haag was aangekomen.

22–25 december
Niets bijzonders.

26 december
Er werd een extra krant uitgegeven met een oproep tot een landstorm: alle mannen van 17 tot 50 jaar moesten zich beschikbaar stellen.

27–31 december
Niets bijzonders.

Januari 1814

1 januari
De kerkklokken werden weer geluid.

2–5 januari
Niets bijzonders.

6 januari
De Kozakken vertrokken richting Groningen en verder naar de Rijn.

7 januari
Bericht ontvangen dat de prinses van Oranje op 5 januari in Den Haag was aangekomen.

8–12 januari
Niets bijzonders.

13 januari
Een nationale dank-, vast- en biddag werd gehouden in heel Nederland, op bevel van de soevereine vorst.
Door zware sneeuwval konden veel mensen de kerk niet bereiken.

14 januari en verder
Voor de rest van de maand zijn geen bijzondere gebeurtenissen meer genoteerd.

Eten en drinken in Friesland