Februari en Maart 1795: De Fransen hebben Leeuwarden bezet en Franse soldaten stromen de stad binnen. Hieronder een verslag uit het dagboek van burgemeester Storm.
6 februari
De Fraterniteit (het clubgebouw van de patriotten dat in de buurt van de Weerd stond) is opnieuw overgedragen aan de vrijwillige burgerwachten.
9 februari
De burgerwacht heeft de wapens (“snaphanen” en geweren) weer teruggekregen.
10 februari
Het revolutionaire comité heeft, onder leiding van president H. Burgering, de magistraat en de vroedschap (het stadsbestuur) afgezet.
Diezelfde ochtend is er onder luid gejuich een vrijheidsboom voor het stadhuis geplaatst.
’s Middags zijn de eerder gevluchte bestuurders weer de stad binnengeleid. Dit gebeurde met drie kanonschoten, luidende klokken en een optocht van 192 jonge vrouwen. Zij begeleidden de teruggekeerde bestuurders, terwijl de burgers in twee rijen opgesteld stonden.
11 februari
De burgerofficieren zijn afgezet, evenals de kolonel en de secretaris.
13 februari
Er zijn 30 nieuwe officieren aangesteld.
19 februari
Alle leden van het bestuur zijn opnieuw door Burgering afgezet.
’s Ochtends is er weer een vrijheidsboom geplaatst op het Waagplein, met veel gejuich, tromgeroffel en dans.
Om 9 uur ’s ochtends stonden alle burgers onder de wapenen, met scherpe munitie en twee veldkanonnen voorop.
Zij begeleidden de nieuwe bestuurders naar het Landshuis, waar deze hun functie opnamen.
’s Middags gingen meer dan 200 burgers naar het Landshuis om de nieuwe bestuurders te feliciteren, twee aan twee in optocht.
Dit alles gebeurde onder kanonschoten, luidende klokken en het afvuren van kleine kanonnen op de stadswaag.
4 maart
De Franse huzaren zijn feestelijk ontvangen door een groep van 214 jonge vrouwen, allemaal in het wit gekleed en versierd met nationale linten en strikken.
Ook alle gewapende burgers waren aanwezig.
De generaal en 33 huzaren werden naar het stadhuis begeleid, onder zes kanonschoten vanaf de wallen, luidende klokken en muziek vanaf de Nieuwe Toren.
Na afloop werden de soldaten ingekwartierd bij burgers; ook bij ons werd iemand ondergebracht.
5 maart
Er kwamen nog ongeveer 30 soldaten bij, die eveneens bij burgers werden ondergebracht.
7 maart
Ongeveer 100 Franse soldaten (“carmagnoles”) arriveerden. Sommigen werden in de drie weeshuizen geplaatst, de rest bij burgers.
8 maart
Twee compagnieën vertrokken naar Dokkum. Ze lieten bij de burgers veel ongedierte achter (mogelijk luizen of vlooien).
9 maart
Vijftien huzaren vertrokken naar Dokkum en buitenposten.
De nieuwe schutterij moest de sleutels van de stadspoorten overdragen aan de Franse generaal, die sinds 4 maart verbleef in het huis van Pieter Cats (Tweebaksmarkt).
23 maart
De generaal uit Groningen arriveerde ’s avonds om half zeven en logeerde bij de heer Van der Wal (bij de Lange Pijp).
Ook de Franse oorlogskas kwam aan, met soldaten en huzaren. De goederen werden opgeslagen in een nieuwe zaal van het Sint Anthonij Gasthuis.
De soldaten werden ondergebracht bij burgers en bij vijf predikanten.
24 maart
Op bevel van de generaal stond het Franse garnizoen onder de wapenen voor inspectie. Ook de cavalerie, Zwitserse troepen, de Friese garde en gewapende burgers namen hieraan deel.
25 maart
Ongeveer 50 huzaren, enkele officieren en meerdere wagens met bagage kwamen aan. Ook zij werden bij burgers ingekwartierd.
26 maart
Er arriveerde een militaire slagerij (met vee en personeel), die eveneens bij burgers werd ondergebracht.
’s Avonds organiseerde het stadsbestuur een groot bal op de Doelen ter ere van de Franse generaal. Aanwezig waren alle militaire officieren, burgerofficieren met hun vrouwen en veel jonge vrouwen uit de stad, allen in het wit gekleed.
28 maart
De twee generaals vertrokken om 14.00 uur naar Harlingen en keerden op 30 maart ’s middags weer terug.
Ochtend
Voor acht uur stond het hele garnizoen onder de wapenen, evenals alle burgers en Franse troepen.
Er werden 40 ruiters en enkele huzaren uitgezonden en bij de hoofdwacht opgesteld in afwachting van orders.
De burgers bemanden de hoofdwacht tot de middag.
Toen keerde een Franse officier terug met het bevel dat iedereen naar huis kon gaan. Ook de paarden, die al klaarstonden voor Franse wagens, werden weer weggebracht.
Middag
Om 14.00 uur kwamen enkele burgercompagnieën opnieuw onder de wapenen en verzamelden zich in het Ruiterskwartier.
Om 15.00 uur vertrokken zij in optocht door de stad naar de Latijnse School. Daar werden de leden van de “Club van Waakzaamheid” opgehaald.
De optocht zag er als volgt uit:
De stoet trok door verschillende straten naar de Fraterniteit, waar de club haar vergadering hield.
Daarna werden de burgers weer naar huis gestuurd.
Deze informatie komt o.a. uit het dagboek van Roelof Storm, burgermeester van Leeuwarden in 1795. Hij werd door de Fransen in 1795 afgezet.
Het einde van de Franse tijd 1813
De Friese steden
Kinderen in de Friese steden rond 1800
Kinderen op het Friese platteland
De dagindeling op het platteland
Kleding in Friesland rond 1800