Toen en Toen ..
Zoeken Het verhaal van Friesland

Terechtstellingen in Friesland (1700 - 1750)

De oorspronkelijke versie is van Wopke Eekhof

  • 1700, 14 september: Lysbeth Lucas is opgehangen wegens schending van haar verbanning onder straffe van de galg.
  • 1701, 12 maart: Johannes Hendriks, afkomstig uit Holsteijn, Claas Claasen Gruen van Leeuwarden en Steffen Rijft van Fledder zijn opgehangen wegens twee gewelddadige inbraken en diefstallen.
  • 1701, 23 april: Karst Haeckes uit de Knype is opgehangen wegens gepleegde inbraak en diefstal.
  • 1701, 11 juni: Baltus Dirks van Arnhem is onthoofd wegens een gepleegde moord in Epe, Gelderland, en diefstallen in deze provincie, met zijn hoofd op een staak bij de galg.
  • 1701, 2 juli: Ruurd Harmens van Engwierum is opgehangen wegens gepleegde inbraak.
  • 1701, 9 juli: Johannes Beerns van Zwolle, als tamboer in garnizoen in Zwolle en na het doodsteken van een andere soldaat in een duel, evenals pogingen tot ontsnapping, is onthoofd.
  • 1701, 19 november: Reyner Olofs, molenaar van Stavoren, die een volgeladen schip van Amsterdam naar Nantes zou overbrengen en onderweg met hulp van een andere schipper de goederen overlaadde en verkocht en het schip liet zinken, is opgehangen.
  • 1702, 1 april: Albert Jans uit Groningerland en Dirk Jansen, alias Kake de Boer van Leeuwarden zijn opgehangen wegens het plegen van inbraak en diefstal.
  • 1702, 27 mei: Frans Willem Bottinghuis uit Munsterland, ruiter onder de compagnie van Ritmeester Moulart, is onthoofd wegens manslag en een duel met een andere ruiter.
  • 1702, 15 juli: Dirkjen Dirks van Oosterbierum, maar met haar man woonachtig in Franeker aan het Vliet, is verdronken bij de galg en haar lichaam is op een rad gezet met een pop in elke arm, wegens het ombrengen van haar pasgeboren tweelingen.
  • 1705, 28 maart: Thomas Taylor en zijn broer William Taylor uit Londen zijn onthoofd wegens het maken en uitgeven van valse 'sestehalven' en zijn hoofd is bij de galg op een staak gezet, met zijn lichaam daar begraven.
  • 1707, 3 december: Sijtse Jannes van Lioessens is gewurgd aan een staak en zijn lichaam is op een rad gezet met een mes in zijn rechterhand, wegens het vermoorden van zijn vrouw Maijke Douwes.
  • 1709, 26 februari: Mints Jans van Oldeschoot is verdronken bij de galg en haar lichaam is op een rad gezet met een gemaakte pop in haar hand, wegens het ombrengen van haar pasgeboren kind.
  • 1710, 11 oktober: Auck Kladen van Brantgum is op dezelfde manier gestraft wegens het ombrengen van haar pasgeboren kind.
  • 1711, 20 juni: Jacobus Jansen van Rotterdam is onthoofd wegens het vermoorden van een persoon genaamd Claasje op de openbare weg, en zijn hoofd is bij de galg op een staak gezet.
  • 1713, 27 mei: Andries Boer uit Hessenland is onthoofd wegens het maken en uitgeven van valse guldens in Leeuwarden en andere plaatsen, en zijn hoofd is op een staak gezet.
  • 1713, 2 december: Foek Durks van Leeuwarden is opgehangen wegens drie verschillende inbraken.
  • 1714, 14 juli: Jilde Sijmons van Oldemirden is verdronken bij de galg en haar lichaam is in een zak op een rad gezet, wegens het ombrengen van haar pasgeboren kind.
  • 1715, 23 februari: Pieter Hendriks van Breda is opgehangen wegens gepleegde inbraak in Munnekezyl.
  • 1715, 13 juli: Salomon Dykmans van Groningen is opgehangen wegens een gepleegde inbraak en diefstal in Drogeham.
  • 1716, 3 oktober: Jan Zarkiewitsch uit Polen is onthoofd wegens het doodschieten van de schipper waarmee hij van Zweden naar Holland was gevaren. De veroordeling is hem ook in het Pools voorgelezen.
  • 1716, 5 december: Berend Johannes is meerdere keren gestraft en opgehangen wegens gepleegde inbraak en diefstal in Ureterp.
  • 1716, 5 december: Binnert Lammerts van Sneek, medeplichtige van de genoemde Berend Johannes, is ook opgehangen.
  • 1717, 10 juli: Jan Eijntes uit de Valom, medeplichtige van de bovengenoemde Saloman Dykmans, is opgehangen wegens inbraak.
  • 1717, 26 september: Jacob Roehuis van Nyehove in Groningerland is geradbraakt wegens het vermoorden van de dochter van zijn huisbaas in Oostrum, het hoofd is met een bijl van het lichaam gescheiden en het lichaam is bij de galg op een rad gezet.
  • 1717, 23 oktober: Anne Wyts van de Oude Galilieën onder Leeuwarden is op dezelfde manier gestraft wegens twee gepleegde moorden in Goutum en op Rapenburg.
  • 1717, 18 december: Jan Abraham de Jongh van Leeuwarden is onthoofd wegens een gepleegde manslag.
  • 1718, 27 april: Pietje Sybrens van IJlst is verdronken in het diepe bij de galg en haar lichaam is op een staak en rad geplaatst, met een gemaakte pop in haar hand, wegens het ombrengen van haar pasgeboren kind.
  • 1718, 7 mei: Everwyn Holbaernt van Groenlo, student in Franeker, is onthoofd wegens een gepleegde manslag.
  • 1718, 15 oktober: Jildu Jans van Bolsward, medeplichtige van Albertus Gerrits en Pieter Hendriks, is opgehangen wegens medewerking aan inbraak en diefstallen.
  • 1718, 15 oktober: Jannetje Alberts is op dezelfde manier gestraft.
  • 1719, 25 november: Gerrit Christiaan Weyts is onthoofd wegens manslag gepleegd op Allert Jans in de herberg "De Verfulden Wagen" te Leeuwarden.
  • 1720, 4 mei: Jozeph Wagenaar uit Amsterdam is opgehangen wegens huisbraak.
  • 1720, 4 mei: Johannes Pieters van Leeuwarden is onthoofd wegens een gepleegde manslag buiten Venlo.
  • 1720, 16 november: Willem Hendriks Luchda van Groningen is onthoofd wegens gepleegde manslag op Minne Heeres in de Grote Kerkstraat te Leeuwarden.
  • 1722, 21 juni: Trijntje Durks van Bolsward is verdronken in een zak bij de galg en haar lichaam is op een staak en rad geplaatst wegens het ombrengen van haar pasgeboren kind.
  • 1722, 24 oktober: Harmen Hendriks is opgehangen wegens verschillende inbraken.
  • 1723, 13 maart: Rosemunda Jacobs van Zaandam, medeplichtige van Harmen Hendriks, is ook opgehangen.
  • 1724, 1 juli: Huibert Hendriks van Amersfoort is opgehangen wegens huisbraak en gepleegde moord op een oude vrouw in Wanneperveen, Overijssel.
  • 1726, 5 oktober: Veronica Jans van Maastricht is opgehangen wegens het op wacht staan bij het plegen van een verfoeilijke moord in Holland.
  • 1730, 30 september: Casper Abrahams Berse van Leeuwarden is gewurgd, vervolgens in het vuur gegooid en tot as verbrand wegens gepleegde sodomie.
  • 1730, 20 november: Jurjen Christiaanes van Leeuwarden is op dezelfde manier gestraft wegens dezelfde misdaad.
  • 1731, 17 februari: Berentje Jans van Twijzel is verdronken in een zak bij de galg en haar lichaam is in een zak op een staak en rad geplaatst wegens het ombrengen van haar pasgeboren kind.
  • 1733, 27 juni: Idts Hoytes van Woudsend is op dezelfde manier gestraft wegens het ombrengen van haar pasgeboren kind.
  • 1733, 21 november: Froukjen Hayes van Eernewoude is op dezelfde manier gestraft wegens kindermoord.
  • 1734, 9 oktober: Jan Jansen Bussel van Heerenveen is gewurgd en zijn lichaam is met een mes in de hand op een rad geplaatst wegens het vermoorden van zijn vrouw.
  • 1734, 23 oktober: Grietje Jacobs van Beetgum is verdronken in een zak wegens gepleegde kindermoord.
  • 1735, 25 juni: Claas Hendriks Vest van Harlingen is gewurgd en zijn lichaam is op een rad gezet met een mes in de rechterhand wegens het vermoorden van zijn vrouw.
  • 1739, 28 februari: Albert Jans van Dieverden is onthoofd wegens de doodslag van Luitjen Jacobs van Houtwoude.
  • 1739, 21 november: Jan Hendriks Ley is opgehangen wegens huisbraken en diefstallen.
  • 1739, 28 november: Jacob Furstenburg is onthoofd wegens een begane manslag en een duel op Schenke Schans.
  • 1741, 21 januari: Tjeerd Cornelis is opgehangen wegens twee gepleegde inbraken en diefstallen.
  • 1741, 15 juli: Jan Jansen van Hoorn is opgehangen wegens gepleegde inbraak.
  • 1745, 4 december: Taeke Brantjes van Surhuisterveen is opgehangen wegens gepleegde huisbraak en diefstal in Morrha.
  • 1746, 2 juli: Hendrik Boyen uit Hannover is opgehangen wegens huisbraak en diefstal in Foudgum.